|
Ben je boos?
Pluk een roos.
Zet hem op je hoed,
Dan ben je morgen weer goed.
Klikspaan, halve maan,
je durft niet door mijn straatje gaan.
't Hondje zal je bijten,
't katje zal je krabben,
dat komt van al dat babbelen.
Iene miene mutte
tien pond grutten
tien pond kaas
iene miene mutte
is de baas
Naar bed, naar bed, zei Duimelot.
Eerst nog wat eten zei Likkepot.
Waar moet ik dat halen, zei Lange Lijs.
Uit grootmoeders kastje, zei Ringeling.
Dan zal ik verklappen, zei 't kleine ding.
Duimelot is in 't water gevallen,
Likkepot heeft hem eruit gehaald.
Lange jaap heeft hem thuis gebracht.
Korte knaap heeft hemin bed gelegd.
EN kleine Pinkje heeft alles gezegd.
Meester, mag ik maandag vrij?
DInsdag gaat mijn zuster trouwen.
Woensdag moeten we bruiloft houwen.
Donderdag ben ik ziek.
En vrijdag kan ik niet.
Zaterdag is het werkdag.
En zondag is het kerkdag.
Dag meester, dag!
Bibelebontse
berg
Hier is de sleutel
Van de Bibelebontse berg.
Op de Bibelebontse berg,
Daar staat een Bibelebonts huis,
Wonen Bibelebontse mensen.
En die Bibelebontse mensen,
Hebben Bibelebontse kinderen.
En die Bibelebontse kinderen,
Eten Bibelebontse pap,
Met een Bibelebontse lepel,
Uit een Bibelebontse nap.
Koen, maak je mijn schoen?
Ja, juffrouw,
Ik zal 't dadelijk doen.
Koen, maak je 'm sterk?
Ja, juffrouw,
Dat is mijn dagelijks werk.
Koen, is mijn schoen klaar?
Ja, juffrouw,
Betaal maar.
Koen, ik heb geen geld ontvangen.
Nu, dan blijft uw schoen hier hangen.
Want op klanten zonder geld,
Ben ik helemaal niet gesteld.
Dag, Koen.
Dag, juffrouw zonder schoen.
|
Lever uw bijdrage en stuur een tekst op:
|